Ga direct naar de inhoud
AMLC is onderdeel van de Rijksoverheid - Naar de homepagina

Witwassen van omzet afkomstig uit PGP-telefoons

3 november 2021 10:45

Rechtbank Rotterdam, 21 september 2021: ECLI:NL:RBROT:2021:9085

Verdachte heeft een bestuurlijke boete gekregen van 1,3 miljoen euro van de Belastingdienst wegens het niet betalen van omzetbelasting over verzwegen omzet (art. 67f AWR). Zijn bedrijf hield zich bezig met de verkoop van PGP-telefoons. Verdachte wordt nu vervolgd wegens het witwassen van de omzet (art. 420bis Sr). De verdediging is van mening dat verdachte ten onrechte twee keer wordt vervolgd wegens hetzelfde feit. De rechtbank oordeelt dat er geen sprake is van ‘hetzelfde feit’. Vooral de feitelijke gedragingen verschillen van elkaar: het niet betalen van omzetbelasting betreft een wezenlijk andere gedraging dan het witwassen van omzet. Bij de verdenking van witwassen is de herkomst van het geld dat is ontvangen van belang, terwijl het bij de vergrijpboete gaat om het verzwijgen van omzet. Verder verschillen de strafmaxima en lopen de beschermde belangen van de twee feiten sterk uiteen: het belang van een juiste belastingheffing enerzijds en de integriteit van het economische verkeer anderzijds.
Dan de vraag of er genoeg bewijs is om verdachte te veroordelen wegens het feitelijk leidinggeven aan het witwassen van de omzet (van bijna 3 miljoen euro) van zijn bedrijf dat handelde in PGP-telefoons. De handel hierin is in beginsel niet illegaal, tenzij het uitsluitend wordt gebruikt door “ lieden wier doel het bij dat gebruik is om de nasporing van door hen gepleegde of nog te plegen misdrijven te verijdelen en een dergelijk doel binnen de organisatie bekend was”. Verdachte faciliteerde de volledige anonimiteit van gebruikers, voerde verzoeken tot wipen (inhoud telefoon wissen) na aanhouding door de politie meteen uit en berichten werden automatisch na 24-48 uur gewist. Ook probeerde zijn bedrijf via het NFI en strafrechtadvocaten de werkwijze van het NFI bij het kraken van PGP-telefoons te achterhalen om zo opsporingsinstanties voor te blijven. Het bedrijf heeft een product ontwikkeld dat aantrekkelijk was voor criminelen en in het bijzonder ook voor hen was bedoeld. Bovendien is gebleken dat de telefoons daadwerkelijk werden gebruikt door criminelen. De conclusie is dat het niet anders kan dan dat de geleverde producten en diensten van het bedrijf werden betaald door personen die met criminele activiteiten hun geld verdienden, waardoor de omzet afkomstig is uit enig misdrijf.