Beleggingsfraudeur schuldig aan witwassen in de uitoefening van zijn beroep/bedrijf
Publicatiedatum 25-02-2026, 22:20 |
Rechtbank Amsterdam, 18 december 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:10281
In deze zaak maakt een verdachte zich gedurende drie jaar schuldig aan grootschalige beleggingsfraude en witwassen in de uitoefening van zijn beroep. Meerdere banken signaleerden ongebruikelijke geldstromen op bankrekeningen van de verdachte en zijn bedrijven. Hun meldingen bij de AFM en de FIU vormden een belangrijke aanleiding tot het onderzoek.
Banken signaleren in juni en juli 2022 ongebruikelijke geldstromen op bankrekeningen van verdachte, zijn eenmanszaak en een vennootschap waarbij de verdachte stille vennoot is. De omschrijvingen bij de transacties duiden op investeringen door de betalende partij maar werden door de verdachte gebruikt voor privé doeleinden. Meerdere banken hebben hiervan melding gedaan bij de FIU. De FIU heeft de transacties als ‘verdacht’ aangemerkt. Vanaf november 2022 volgen er ook aangiften tegen de verdachten, de eenmanszaak en de vennootschap wegens beleggingsfraude, oplichting en verduistering waarbij beleggers verklaren dat zij met de eenmanszaak van verdachte contracten sluiten voor investeringen in aandelen van verschillende bedrijven die nog op de beurs zouden moeten verschijnen. De hen beloofde hoge rendementen bleven uit.
De verdachte blijkt structureel gelden van beleggers te hebben geworven en zonder vergunning beleggingsdiensten te hebben aangeboden via zijn eenmanszaak en de eerdergenoemde vennootschap. Hij misleidde investeerders met valse beloftes over aandelen in bekende bedrijven en hoge rendementen (van 80 tot 400%). In werkelijkheid investeert hij niets, maar gebruikt de ingelegde gelden (minimaal €2,5 miljoen) voor privé-uitgaven en een luxe levensstijl. Deze gedragingen leiden tot witwassen, omdat de verdachte de met oplichting en verduistering verkregen bedragen verwerft, omzet en besteedt in het economische verkeer, en dit gewoonte-matig doet.
De rechtbank acht daarnaast bewezen dat verdachte zonder vergunning beleggingsdiensten aanbiedt en door listige kunstgrepen en verdichtsels slachtoffers tot afgifte van aanzienlijke geldbedragen en Bitcoins heeft bewogen. Het ontbreken van een deugdelijke administratie belemmert intussen de afwikkeling van zijn faillissement. Alles bij elkaar verklaart de rechtbank gewoontewitwassen in de uitoefening van zijn bedrijf (naast oplichting, verduistering en een Wft‑overtreding) bewezen en legt zij, conform de gemaakte procesafspraken, een gevangenisstraf op van 22 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk.