Ga direct naar de inhoud
AMLC is onderdeel van de Rijksoverheid - Naar de homepagina

Witwassen door grootschalige beleggingsfraude

17 juni 2021 16:17

Gerechtshof Amsterdam, 29 april 2021: ECLI:NL:GHAMS:2021:1214

Deze zaak kwam aan het rollen door een aangifte van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) bij het Functioneel Parket (FP). Drie personen hadden  gezamenlijk een prospectus opgemaakt met als doel het overtuigen van beleggers om deel te nemen in de financiering van een project. Door beleggers werd meer dan 4 miljoen euro ingelegd. In het prospectus werd de indruk gewekt dat de financiering al rond was, terwijl er feitelijk geen geld was om het project ooit te kunnen realiseren. Daarnaast werd aan beleggers een hoog rendement voorgespiegeld, terwijl bekend was dat dit nooit aan de investeerders betaald kon worden. Het prospectus bleek daarom valselijk opgemaakt. De drie personen zijn hiervoor in 2018 veroordeeld.

De verdachte is echtgenote van één van de drie veroordeelden. Zij is door de rechtbank veroordeeld wegens medeplegen van schuldwitwassen van ruim 1,2 miljoen euro. In hoger beroep voert verdachte aan dat zij niet hoefde te vermoeden dat het geld van misdrijf afkomstig was, omdat zij geen relatie had met het project van haar man en niet verantwoordelijk was voor het uitgeven van het prospectus. Het hof buigt zich over de vraag hoe ver haar betrokkenheid gaat en concludeert dat er sprake is geweest van opzetwitwassen. Verdachte was goed op de hoogte van de financiële situatie van haar man. Zij wist dat zijn onderneming failliet was gegaan, terwijl er hierna wel geld binnen bleef komen. Ze wist ook dat dit geld afkomstig was van beleggers ten behoeve van het frauduleuze project van haar man. Van de € 4,1 miljoen die is ingelegd door de beleggers is € 1,4 miljoen overgemaakt op de bankrekeningen waar de verdachte over kon beschikken. Verdachte had zich laten inschrijven als enig aandeelhouder en bestuurder van de bij oplichting betrokken vennootschappen. Van het geld lijkt niets meer over te zijn. Het hof acht daarom bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het witwassen van het geld afkomstig uit oplichting.  

Verdachte was, voor zover bekend, niet betrokken bij het gronddelict (de oplichting) maar zij speelde wel een actieve rol ten aanzien van het witwassen van het hieruit verkregen geld. Vaak is schuldwitwassen een mooie manier om de partner die meegeniet van uit misdrijf verkregen gelden of goederen aan te pakken, maar omdat de betrokkenheid van verdachte hier veel verder ging heeft het hof haar veroordeeld voor opzetwitwassen.