Ga direct naar de inhoud Ga direct naar de footer

Op deze pagina

Project debet- en creditcards

In 2015 werd landelijk gestart met de behandeling van zaken in het debet- en creditcards project. Bij dit project heeft data-analyse tot een grote hoeveelheid fiscale- en witwaszaken geleid. Het doel van het project was het in beeld brengen van onbekend (fiscaal) vermogen gestald in het buitenland, zogenaamd verhuld vermogen. Er is gezocht naar Nederlandse ingezetenen die transacties verrichten in Nederland met een debet- en/of creditkaart die gekoppeld is aan een buitenlandse bankrekening. Buitenlands vermogen dient, net als binnenlands vermogen, te worden aangegeven in de belastingaangifte; anders kan er sprake zijn van belastingontduiking en/of witwassen. Data-analyse werd ingezet voor het detecteren van niet-aangegeven buitenlands vermogen. Bij dit project werd samengewerkt door de Belastingdienst, de FIOD, het Openbaar Ministerie en het AMLC. Er vond een strafrechtelijke aanpak en een fiscaal traject plaats om zo groot mogelijke impact en effect te realiseren. Door gedurende het project publiciteit op te zoeken werd niet-naleving van de fiscale wetgeving en witwassen effectief en zichtbaar bestreden. Op dit moment wordt het succesvolle project debet- en creditcards doorontwikkeld en wordt de tweede fase van het project gestart.

Om het niet-aangegeven buitenlandse vermogen en indien van toepassing het niet aangegeven achterliggende inkomen op te sporen, heeft de Belastingdienst een grote hoeveelheid transacties geanalyseerd en gefilterd. Het ging om transacties verricht in Nederland met betaalkaarten die zijn uitgegeven door een buitenlandse instelling en naar alle waarschijnlijkheid zijn gekoppeld aan buitenlandse bankrekeningen. Hieruit is na filtering en analyse een selectie gemaakt van debet- en/of creditkaarten die opvallen vanwege de bestedingspatronen, de hoogte van de transacties, bestedingslocaties, contante geldopnames en de periode van het kaartgebruik. De identiteit van de kaarthouder is in de dataset nog niet gekoppeld aan de transacties, alleen een deel van het kaartnummer is bekend. Door derdenonderzoeken in te stellen bij bijvoorbeeld hotels, winkels en restaurants, werd de identiteit van de kaarthouder achterhaald. Daarna werd gecontroleerd of de kaarthouder een Nederlandse belastingplichtige is en of het buitenlandse vermogen, c.q. inkomen,  is aangegeven in de belastingaangifte. Deze aanpak heeft geleid tot veroordelingen voor witwassen en belastingfraude. In de op dit moment afgeronde strafrechtelijke onderzoeken zijn er voorwaardelijke en onvoorwaardelijke gevangenisstraffen opgelegd, met als hoogste straf 15 maanden onvoorwaardelijk. Daarnaast heeft het geleid tot ruim duizend uur aan werkstraffen en voor enkele miljoenen euro’s aan geldboetes. In nog lopende strafzaken is voor tientallen miljoenen euro’s beslag gelegd op verschillende vermogensbestanddelen in zowel het binnen- als het buitenland.

Een voorbeeld is de veroordeling van een echtpaar voor gewoontewitwassen door gebruik te maken van kaarten gekoppeld aan rekeningen in Zwitserland en de Verenigde Arabische Emiraten (ECLI:NL:RBOVE:2019:2170). Uit het project kwamen twee Zwitserse kaarten bovendrijven met uitgaven van ruimschoots € 84.000 over de jaren 2009-2011. Er ontstond een vermoeden van witwassen toen bleek dat het echtpaar van dit Zwitserse vermogen geen aangifte had gedaan bij de Belastingdienst en evenmin gebruik had gemaakt van de zogenoemde inkeerregeling. Bij een zoeking in de woning en in een bedrijfspand van verdachten werd administratie gevonden waaruit bleek dat er van nog meer buitenlandse rekeningen en bijhorende kaarten gebruik werd gemaakt. Het was onbekend wat de herkomst van het geld is. Toch kwam de rechtbank tot de conclusie dat het niet anders kan zijn dan dat het geld uit enig misdrijf afkomstig is. Er is sprake van een ernstig vermoeden van witwassen en de verdachten gaven slechts een summiere verklaring over de herkomst van het geld. De man stelde dat op de buitenlandse rekeningen provisiebetalingen voor zijn bedrijf binnenkwamen. Hij heeft echter niets willen verklaren over de hoogte van zijn inkomen vanaf 2009. Ook heeft hij zijn verklaring niet met stukken onderbouwd en is in de inbeslaggenomen administratie van zijn bedrijf niet gebleken van provisiebetalingen op de buitenlandse rekeningen. De rechtbank acht bewezen dat het echtpaar samen een bedrag van € 850.544,34 heeft witgewassen. Omdat dit vanaf verschillende rekeningen, met verschillende debet- en creditcards en door verschillende personen op veel verschillende tijdstippen is gebeurd gedurende tweeënhalf jaar, is de rechtbank eveneens van oordeel dat verdachten van het witwassen een gewoonte hebben gemaakt.

Naast de strafrechtelijke veroordelingen, zijn er ook goede resultaten behaald in het fiscale traject. Het heeft geleid tot een verhoging van de vrijwillige verbetering. Daarnaast heeft de fiscale aanpak tot en met eind 2019 ruim € 24 miljoen aan belasting, boete en rente opgeleverd en is er voor miljoenen euro’s zicht ontstaan op verborgen/verhuld vermogen.