Ga direct naar de inhoud

Samenwerken tegen crimineel gebruik van vastgoed

Door Victor Ross

De criminaliteit wordt steeds meer integraal en multidisciplinair bestrijdt. Denk bijvoorbeeld aan de Regionale Informatie- en Expertise Centra (RIEC) en aan het recent opgerichte Multidisciplinair Interventieteam. Publieke en soms ook private organisaties werken daarbij samen, ieder met zijn eigen invalshoek en informatiepositie. Samen weet je meer en kan je dus ook meer. De samenwerkende organisaties hebben vaak eigen middelen om een deel van het probleem aan te pakken en dat maakt het mogelijk om slim keuzes te maken in wanneer welk middel wordt ingezet.

De aanpak van crimineel vastgoed in Rotterdam door Motus

In de regio Rotterdam wordt in RIEC-verband crimineel vastgoed aangepakt binnen ‘versterkingspijler’ Motus. De kennis en ervaring van Motus kwam goed van pas toen de FIOD een onderzoek startte naar een vermoedelijk malafide verhuurmakelaar, die criminelen zou voorzien van (anonieme) huisvesting. Al snel vonden partijen elkaar, wat leidde tot knappe resultaten. Op 18 november 2020 werden door 300 ambtenaren van FIOD en politie 18 panden (16 woningen en 2 bedrijfspanden) doorzocht. Daarbij werden 10 aanhoudingen verricht, waaronder 3 verhuurmakelaars, en werd onder meer beslag gelegd op een woning, ca. € 150.000 aan contanten, 42 kilo cocaïne, 2 auto’s, patronen, 2 messen, 2 zwaarden, een stiletto, 2 kluizen en restanten van hennepplantages.

Een voorbeeld van goede samenwerking

Het AMLC bracht het strafrechtelijk onderzoek, de integrale samenwerking en de vertaalslag naar de aanpak van het fenomeen van malafide verhuurmakelaars in kaart met Nick van Motus en M. van de FIOD (op verzoek zonder volledige naam).

‘Ik ben altijd geïnteresseerd geweest in ondermijning,’ zegt Nick, die 16 jaar politie-ervaring heeft. ‘Rotterdam is daarin heel interessant met de haven waar veel verdovende middelen ons land binnenkomen. Die vind je weer terug in de wijken, want drugs moeten ergens worden opgeslagen. Het is interessant om steeds nieuwe manieren te verzinnen om deze ondermijning tegen te gaan, met een focus op het fenomeen van crimineel vastgoed.’

Zijn FIOD-collega M. van het team verhuld vermogen: ‘Ik hou van verbanden leggen. Vanuit een hoeveelheid informatie de relevante dingen samenbrengen en vervolgens bepalen wat we met de resultaten kunnen. Welke slimme interventies zijn er mogelijk en welke aanpak past daarbij? Het is fijn om de helikopterview te hebben binnen een team en van daaruit te helpen om op innovatieve wijze richting te geven.’

Waarop is het strafrechtelijk onderzoek gestart?

M: Van de FIU kregen we een verdachte transactie door van een verhuurmakelaar in Rotterdam. Het betrof een melding van een bank over contante stortingen en wij besloten het op te pakken. Al vrij snel zochten we contact met de politie te Rotterdam en toen kwam Motus ook in beeld.

Waar staat Motus voor?

Nick: Motus betekent letterlijk ‘een beweging op gang brengen’. Het hoofddoel is om samen met partners de vastgoedbranche te versterken en een beweging op gang brengen tot een eerlijkere vastgoedmarkt. Dit doen we samen met allerlei publieke maar ook private partners, waaronder de branchepartijen, woonstichtingen en VvE’s. Motus hanteert hierbij drie pijlers:

  • creëren van bewustwording en weerbaarheid bij onder meer de branche en de politiek[1]
  • verstoren van crimineel misbruik van vastgoed
  • stimuleren dat wordt opgetreden als één overheid

Hoe is Motus ontstaan?

Nick: Motus is ontstaan vanuit de versterkingsgelden ondermijning. Door de regering is in dat kader €100 miljoen beschikbaar gesteld. Binnen het RIEC Rotterdam is de versterkingspijler vastgoed Motus gestart met de politie als kartrekker. De politie heeft het Motus-team bemenst met heel uiteenlopende experts. Van een wetenschappelijk onderzoeker tot een multimedia- en designspecialist, een voormalig bankmedewerker, informatierechercheur en een datawetenschapper. Het team is daarmee volledig zelfvoorzienend.

In Rotterdam is Motus aan de slag gegaan met het doorontwikkelen van de bestaande aanpak van spookbewoning. Er worden steeds meer panden ontdekt die worden gebruikt voor opslag van drugs of wapens. En om anoniem in de stad te kunnen verblijven maken criminelen regelmatig - zonder inschrijving in de basisregistratie persoonsgegevens - gebruik van bijvoorbeeld luxueuze woningen in één van de woontorens. Die bieden een zekere mate van anonimiteit, omdat er simpelweg veel mensen wonen en alles onder één dak is - bijvoorbeeld een interne garage. Dat anoniem bewonen van woningen noemen we spookbewoning.

De politie richt zich niet speciaal op crimineel vastgoed, maar komt het vaak bij toeval tegen. Binnen Motus zijn we in staat om juist wél naar het fenomeen te kijken en bijvoorbeeld te onderzoeken wie spookbewoning faciliteert. Dat zijn vaak cruciale schakels, zoals de (Wwft-plichtige) verhuurmakelaar.[2]

Wat was het effect voor het strafrechtelijk onderzoek toen Motus op de radar verscheen?

M: Vanwege zijn informatiepositie kon Motus een portefeuille-overzicht opstellen van welke panden de onderzochte makelaars in beheer hadden. De FIOD heeft toen bekeken of het logisch is dat de huurders dergelijke woningen konden betalen. We bundelden dus de informatie en ervaring van Motus op het fenomeen en onze kennis en expertise van de financiële kant. Minder incidentgericht (een enkele woning bijvoorbeeld) en meer inlichtingen-gestuurd kijken, heeft veel meer effect. Dat kwam in dit onderzoek concreet tot uiting door de focus op faciliterende verhuurmakelaars, waardoor we bij tientallen interessante woningen en bedrijfspanden uitkwamen.

Wat verstaat Motus onder crimineel vastgoed en komt dit veel voor?

Nick: Het is een breed begrip. De hoofdmoot betreft speculatie, en daarnaast is er een stuk exploitatie. Wij focussen ons op het laatste en dan specifiek op de rol daarin van de verhuurmakelaar als potentiële facilitator van bijvoorbeeld spookbewoning. Criminaliteit komt echter ook veelvuldig voor in de panden zelf. Zo heb je stashpanden en safehouses, woningen met hennepkwekerijen, illegale gokpanden, woningen waar illegale prostitutie plaatsvindt etc. Panden die voor spookbewoning of criminele doeleinden worden gebruikt noemen wij crimineel vastgoed.

Om een beeld te geven: het afgelopen jaar zijn er alleen al in Rotterdam in meer dan 300 woningen strafbare feiten geconstateerd. Maar ik denk dat we pas het topje van de ijsberg zien. We krijgen een steeds completer beeld van de omvang van crimineel vastgoed, juist door continu de focus erop te houden. En om terug te komen bij de verhuurmakelaar als potentiële facilitator: in de RIEC-regio Rotterdam alleen al zijn naar schatting ongeveer 10.000 mensen als verhuurmakelaar actief, waarvan ca. 7.000 als zodanig zijn ingeschreven bij de KvK.

Dat is dus een enorme groep. Het betreft een vrij beroep, dus zonder vergunningplicht. Het invoeren van een vergunningplicht zou vermoedelijk kunnen fungeren als een drempel tegen kwaadwillenden en bovendien de beroepsgroep beter in beeld brengen. Tevens zou een vergunningplicht gemeenten handvatten kunnen bieden om corrigerend op te treden, bijvoorbeeld door het intrekken van vergunningen.

Welke voor criminelen interessante dienstverlening verrichten verhuurmakelaars zoal?

M & Nick: Ze bemiddelen tussen verhuurders en huurders en kunnen daarmee criminele cliënten aandragen, ze zetten bepaalde nutsvoorzieningen voor woningen (zoals kabel en internet) op hun naam en innen de huurpenningen – contant. Ter illustratie: in het strafrechtelijk onderzoek worden de verhuurmakelaars onder meer verdacht van het witwassen van door hen geïnde huurpenningen.

Daarnaast laten verhuurmakelaars soms bewust bepaalde checks na. Zo controleren ze niet wie zich daadwerkelijk in de woning inschrijft en screenen ze de huurders niet. In 6 woningen die de politie en FIOD doorzochten waren bijvoorbeeld andere personen woonachtig dan ingeschreven bij de gemeente en werd een pand gebruikt voor illegale prostitutie.

Wat zouden verhuurders kunnen doen om verhuur aan criminelen te voorkomen?

Nick: Verschillende dingen. We geven regelmatig voorlichting hierover aan verhuurmakelaars, woonstichtingen die veel woningen verhuren, maar ook aan VvE’s. Tips die we daarbij altijd meenemen zijn:

  • neem geen contant geld aan
  • check of de mensen die zich op het adres inschrijven matchen met het huurcontract
  • neem in een contract de bepaling op dat je te allen tijde op afspraak een pand mag inspecteren. Wij adviseren hiertoe altijd het zogenaamde ROZ-model, waarin een ondermijningsclausule zit. Het schrikt potentieel kwaadwillenden af als een verhuurder om de zoveel tijd de woning kan controleren. Handig is ook om de ondermijningsclausule te benoemen tijdens het tekenen van het contract
  • vraag en check loonstrookjes van potentiële huurders
  • ga niet zomaar in zee met een bemiddelaar
  • let op als een bemiddelaar ‘al een huurder voor de woning’ heeft
  • zorg voor face-to-face contact met de huurder bij het tekenen van het huurcontract en bij de sleuteloverdracht

Daarnaast is het belangrijk om verhuurders/pandeigenaren te wijzen op de nadelen van verhuur aan criminelen. Vaak zijn ze zich daar niet van bewust. Zo kan de gemeente een last onder dwangsom opleggen of een pand sluiten als daar verdovende middelen worden aangetroffen, als sprake is van gevaarzetting voor omwonenden of wanneer in een woning veel cash wordt aangetroffen. VvE’s kunnen zich ook wapenen tegen woningeigenaren door het opnemen in de statuten van een last onder dwangsom. Ten slotte is het goed dat eigenaren begrijpen dat ze zich door het aannemen van contant geld schuldig kunnen maken aan witwassen[3].

Zijn er andere private partijen dan verhuurders die instrumenten hebben om criminele verhuur aan te pakken?

Nick: Banken en het notariaat hebben een sleutelpositie. Banken zien de geldstromen en kunnen verhuurmakelaars er op wijzen dat ze liever geen contante stortingen zien. Verder kunnen notarissen adviseren dat in leveringsakten van woningen een verhuurbeperking wordt opgenomen. Daarnaast zou de KvK voorlichting kunnen geven wanneer een makelaar zich inschrijft in het handelsregister. Ten slotte kunnen brancheorganisaties zelf hun rol pakken. Overigens geven wij regelmatig presentaties aan dit soort private partijen.

Ook burgers kunnen hun steentje bijdragen. Als zij zich bewust zijn van de signalen van crimineel gebruik van vastgoed, kunnen zij verdachte situaties melden bij Meld Misdaad Anoniem (MMA). Dit is ook de inzet geweest van een MMA-campagne over malafide huurders.

Het onderzoek heeft, in aanvulling op de eigen campagne van Motus, mooie pers gemaakt voor het probleem. Crimineel vastgoed bestaat echter ook buiten de regio Rotterdam. Is daar aandacht voor?

Nick: Wij kaarten dit doorlopend aan bij de politiek. Inmiddels zijn we in gesprek met het RIEC Amsterdam, dat zeer geïnteresseerd is in onze benadering gezien het probleem dat ze daar hebben met crimineel vastgoed. Daarover is in 2019 een pakkend rapport genaamd De achterkant van Amsterdamverschenen. Als we als één overheid optreden kunnen we ook daar een zinvolle bijdrage leveren aan de bestrijding van crimineel vastgoed.

Meer weten over Motus? Bekijk de LinkedIn-pagina.

[1] Het effect hiervan wordt langzaamaan zichtbaar. Zo is Motus onlangs bij name genoemd in een kamerbrief van minister Grapperhaus (brief van 13 november 2020, ‘Bestrijding georganiseerde criminaliteit’ (Kamerstuk 29 911, nr. 292)).

[2] Verhuurmakelaars vallen sinds 21 mei 2020 onder de reikwijdte van de Wwft (artikel 1a lid 4 sub h) voor het beroeps- of bedrijfsmatig bemiddelen bij het tot stand brengen en het sluiten van overeenkomsten inzake onroerende zaken en rechten waaraan onroerende zaken zijn onderworpen, met inbegrip van het tot stand brengen en sluiten van een overeenkomst tot huur als bedoeld in artikel 7:201 van het Burgerlijk Wetboektabblad, voor zover de maandelijkse huurprijs een bedrag van € 10.000 of meer bedraagt. Hieronder valt ook het door (tussenkomst van) de verhuurmakelaar ontvangen van deze huurprijs (dan wel andersoortige transacties) van € 10.000 of meer in contanten, met cheques aan toonder, een vooraf betaald betaalinstrument (prepaid card) of soortgelijke betaalmiddelen. Dergelijke transacties moet de verhuurmakelaar altijd melden (objectieve meldplicht) bij de FIU Nederland.

[3] Zie in dit kader bijvoorbeeld het arrest van Gerechtshof Amsterdam: ECLI:NL:GHAMS:2017:5601